overlanders.nl

NL – Azië deel 7

NL – Azië deel 7

Maleisie waren gepasseerd, dit verliep zeer voorspoedig, kwamen we Ward tegen en toen samen verder gereden naar het eiland Penang, Georgetown. Maleisie is duidelijk het rijkste en meest ontwikkelde land van zuidoost Azië……De redelijk engels sprekende bevolking, goede wegen, geen armoede op straat en de mensen zelf gaan hier ook met vakantie naar de stranden en de bergen. Wel van sterk tot streek sterk islamitisch, wat inhoud dat de weekends hier heel verschillend vallen. De islam wordt hier overheersend bedreven, alle vrouwen weer zonder uitzondering voorzien van een hoofddoek(wel verschillende kleuren) en drie keer per dag, beginnend om 5 uur ´s-ochtends, blazen de moskeeën knalhard van de torens. Over geluidsoverlast gesproken.
Maleisië is een langgerekt smal schiereiland met over het midden een ondoordringbaar regenwoud. Veel wegen lopen hier niet van west naar oost. Maar volgens Martin liep vanuit Cameron Highlands toch een klein weggetje(road under construction) naar de oostzijde. Zoals de kaart aangaf was de weg in eerste instantie redelijk te berijden, zand, stenen en wat baggerplassen, echter na 50 km. en 4 uur rijden werd de weg plotseling een echt baggerpad. Hier bleken mijn motor en ik niet tegen opgewassen. Het was nu 100 meter per uur, met 3 keer onderuit te zijn gegaan, motor weegt toch wel met bagage 300 kg. Teruggaan was geen optie,daarvoor was het te laat en volgens wegwerkers was het nog een paar uur doormodderen. Doordat het de vorige nacht hevig had geregend, was de bagger zo zwaar en vet, dat het voorwiel dit niet meer kon verwerken en daardoor telkens vastliep, echter na demontage van het voorspatbord ging het beter. Diepe geulen waren gevormd door de vrachtwagens en de motor ging tot aan de assen door de modder. Elke baggerpoel was een beproeving, die soms met volgas moest worden genomen om er doorheen te komen. Na 40 km. doorbaggeren, nog 5 maal onderuitgaan, bereikten we de andere kant. Goed, dat doe ik dus nooit meer. Veel van het tropisch regenwoud heb ik dus niet gezien, wel 3 dagen spierpijn ervan overgehouden. Vanuit de oostkust afgezakt, via schitterende stranden, zoals ze alleen op de reclame voorkomen, naar Kuala Lumpur en de hoogste gebouwen ter wereld(nu zeker na de aanslag in de VS) bekeken. Verder doorgereden naar de beroemde Nederlandse nederzetting Malakka en daar de overtocht voor de motor naar Sumatra geregeld. We hadden verwacht dat dit een van de lastigste overtochten zou worden, veel papier werk en geen officiële boot.
Echter het tegendeel was waar. Praatje met de kapitein van een bananenboot, loopplank uit en rijden maar, boven op het dek vastgebonden en de volgende dag aan de overkant, Indonesië Dumai. Geen stempels, geen formulieren, geen douane, niets. Alleen wij moesten met een aparte ferryboot mee. Volgens de kapitein zou de bananenboot 200 meter vanaf de ferryboot aanmeren en was de haven heel klein. In werkelijkheid was de haven van Dumai fors groot en geen bananenboot te bekennen. Ja, en hier in Indonesië op Sumatra werkt dat toch weer anders. Geen hond spreekt hier engels, douane kennen ze ook niet en niemand weet iets, laat staan 3 motoren op een bananenboot. Na 2 uur zoeken en rondrijden op brommertjes, uiteindelijk 5 kilometer verder gevonden.
Ja, de overtocht was betaalt en het opladen ook, maar niet het afladen, daar had de plaatselijke bevolking speciale tarieven voor. Zoniet, dan werd de boot losgekoppeld van de wal.

Wordt vervolgd.